Welke zonnefilters zijn beter om te gebruiken: fysische of chemische filters?
Door: Dr. Jetske Ultee
Zonnefilters houden straling tegen. Maar dat doen ze lang niet allemaal op dezelfde manier. Je hebt misschien weleens gehoord van chemische en fysische filters? De een zou beter en veiliger zijn dan de ander. Is dat ook zo? Hoe werken de verschillende filters, en welke kun je beter smeren?

 

Het verschil tussen chemische en fysische filters

Grofweg zijn er twee soorten zonnefilters: de chemische filters en de fysische (minerale) filters. De reden dat ze zo heten is omdat chemische filters de straling zouden absorberen, vandaar de term ‘chemisch’. De fysische filters zouden de uv-stralen juist ‘fysiek’ tegenhouden door een schildje te vormen op de huid. Dit klopt niet helemaal, want de werking van fysische en chemische filters verschillen niet zoveel als de namen doen vermoeden.

 

Hoe werken chemische filters in zonnebrandcrèmes?

In een chemisch filter zorgt koolstof voor de uv-bescherming. Maar hoe werkt dat? Simpel gezegd absorbeert de koolstof de uv-straling. Zo vangt de stof de straling weg voordat die schade kan aanrichten aan de huidcellen.

 

Waarom verliezen filters hun werking?

De koolstof wil die geabsorbeerde uv-straling daarna graag weer kwijt. Daarom gaat de koolstof bewegen. Het gevolg van die beweging verschilt per koolstofverbinding. De ene stoot daarna warmte uit en gaat weer in ruststand. De andere verbinding zal na de beweging juist van vorm veranderen. Het onhandige is, dat zo’n nieuwe koolstofverbinding minder goed uv-straling kan absorberen. Hoe vaker ‘een stukje’ koolstof uit het filter van structuur verandert, hoe minder goed het zonnefilter werkt. Dit noemen ze ook wel foto-instabiel: het filter kan door de zonblootstelling niet meer goed uv-straling absorberen. Sommige filters, zoals avobenzone, kunnen door die verandering in structuur zelfs irriterend gaan werken op de huid. Fabrikanten voegen daarom vaak zogenaamde stabilisatoren toe aan de zonnebrandcrème die ervoor zorgen dat het filter zijn werk kan blijven doen.

 

En hoe werken dan de fysische filters in zonnebrandproducten?

Een misverstand over fysische filters is dat ze alleen uv-straling weerkaatsen en niets absorberen. Dit klopt niet. Een fysisch filter doet allebei. Het kan straling absorberen, net als chemische filters. Het enige verschil is dat de zonnestralen bij een fysisch filter niet worden geabsorbeerd door koolstof, maar door een metaaloxide. Verder werkt de absorptie gewoon hetzelfde als bij de chemische filters. Een fysisch filter kan daarnaast ook nog uv-straling reflecteren. Hoeveel uv-straling het filter absorbeert of terugkaatst hangt af van de soort uv-straling. Er zijn daarin namelijk verschillen tussen uv A- en uv B-straling. Een fysisch filter absorbeert het grootste gedeelte van de uv B-straling en slechts een klein deel ervan (ongeveer 5%) wordt teruggekaatst. Bij de uv A-straling wordt juist een klein deel geabsorbeerd en een groter deel (tot 60%) wordt gereflecteerd. Hoewel van deze filters dus wordt gezegd dat ze uv-straling weerkaatsen, absorberen ze eigenlijk meer uv-straling dan dat ze reflecteren.

 

Hoe zit het eigenlijk met nanodeeltjes?

Een kenmerk van fysische filters is de witte waas die ze achterlaten op je huid. Veel mensen vinden zo’n spookachtige verschijning niet prettig. Fabrikanten van zonnebrandcrèmes lossen dit probleem op door de werkzame stoffen in het zonnebrandproduct op te knippen in microscopisch kleine stukjes. Die stukjes noem je ook wel nanodeeltjes. Hierdoor laat het filter geen wit laagje meer achter op de huid. Heeft dit nog invloed op hoe het filter werkt? Nee, het filter absorbeert en reflecteert uv-straling, net als bij fysische filters zonder nanodeeltjes.

 

Dus: welke zonnefilters kun je nu het beste kiezen?

Werken chemische of fysische filters beter? Het korte antwoord: in beide categorieën zijn er goede en minder goede filters. Een andere optie, die tussen beide filters in zit, is Tinosorb. Dit filter (dat ook in de Suncare en Suncover van Dr. Jetske Ultee zit) combineert namelijk de eigenschappen van beide soorten. Tinosorb valt onder de chemische filters, omdat het koolstof bevat. Maar het kan, net als een fysisch filter, de uv-straling zowel absorberen als terugkaatsen. Tinosorb is bovendien heel fotostabiel, aangezien het filter zijn werk blijft doen. Dit komt doordat de structuur van de koolstof niet verandert bij het absorberen van de uv-straling. Dit betekent ook dat de kans op huidirritatie of een allergie klein is. Tinosorb combineert dus het beste van beide werelden en is een goede optie voor je zonnebrandproduct, maar ook andere filters zijn geschikt. Welke filters je het beste kunt kiezen (en welke juist niet), kun je lezen in deze blog.

 

PS

Wie info zoekt over zonnefilters is misschien ook de termen organisch, anorganisch, niet-organisch en mineraal tegengekomen. Hoe zit dat dan? Simpel: de chemische filters met koolstof worden ook wel organische filters genoemd. Fysische filters bevatten geen koolstof en heten daarom anorganisch of niet-organisch (dit betekent hetzelfde). En de fysische filters kun je ook minerale filters noemen.

Huidanalyse

Benieuwd welke producten geschikt zijn voor jouw huid?

Doe de huidanalyse

Lees meer over dit onderwerp